De stappen bij een eerste bloedafname

  1. Voordat je bloed gaat geven, vul je op de bloedinzameling eerst in alle discretie enkele papieren in met o.a. je persoonlijke gegevens, een medische vragenlijst en een bloedbestemmingsformulier.
  2. Daarna neemt de arts samen met jou de medische vragenlijst door. De arts bepaalt dan of je in aanmerking komt om bloed te geven. Soms mag je tijdelijk geen bloed geven omdat je bijvoorbeeld een bepaald medicijn hebt ingenomen of je een nieuwe piercing of tatoeage hebt laten zetten.
  3. Als je bloed mag geven, neem je plaats op een afnamestoel. Een arts of verpleegkundige legt een knelband aan rond je arm en ontsmet de plaats waar geprikt zal worden. Vervolgens geeft hij/zij een prikje met een steriele naald. Bloed wordt afgenomen door speciaal daartoe opgeleid personeel. Zij gebruiken steriel materiaal dat alleen voor jou bestemd is en dat na gebruik weggegooid wordt.
  4. Als het bloedzakje vol is, krijg je een drukverband om de kleine prikwonde te stelpen.
  5. Na de bloedafname kan je iets drinken en even bijpraten met andere donors. Je voelt je niet moe of leeg en je kan gewoon verder doen met wat je bezig was.

 

Mag ik bloed geven?