www.rodekruis.be

Ga naar inhoud.
Ga naar hoofdnavigatie.

U bent hier: home > internationaal > internationaal humanitair recht > clustermunitie > naar een nieuw verdrag

Internationaal humanitair recht

Print

Het Oslo-proces

De oproep van het Rode Kruis, de Cluster Munition Coalition en de publieke opinie werd door politici gehoord. Begin 2007 kwamen in Oslo vertegenwoordigers van 49 staten samen om de kwestie te bespreken. Ze besloten om tegen het einde van 2008 een juridisch bindend verdrag tot stand te brengen dat het gebruik, de productie, de overdracht en de opslag verbiedt van clustermunitie die onaanvaardbaar leed aan burgers veroorzaakt.

Naast de instelling van een verbod, kwamen de betreffende staten ook overeen om een juridisch kader te voorzien voor samenwerking en hulp aan slachtoffers, de ruiming van getroffen gebieden en de vernietiging van bestaande voorraden.

De conferentie in Oslo betekende de start van het zogenaamde Oslo-proces: een reeks van internationale conferenties en vergaderingen ter voorbereiding van het nieuwe verdrag. Het aantal staten dat eraan deelnam, groeide gestaag. Op de laatste conferenties in Wenen en Wellington waren meer dan 100 staten vertegenwoordigd.

Er zijn echter ook een aantal staten die er doelbewust voor gekozen hebben om niet aan het Oslo-proces deel te nemen. Onder hen bevinden zich de landen die over de grootste voorraden clustermunitie beschikken: China, Rusland en de Verenigde Staten. Laatstvermelde land heeft gedurende de oorlogen van de voorbije twee decennia op grote schaal clustermunitie gebruikt en in het debat ook duidelijk stelling genomen.

De Verenigde Staten beschouwen clustermunitie als een legitiem, soms zelfs essentieel wapen, wanneer het gebruikt wordt in overeenstemming met het internationaal humanitair recht. In bepaalde gevallen kan het volgens Amerikaanse vertegenwoordigers, zowel vanuit militair als humanitair standpunt, de beste wapenkeuze zijn. De Verenigde Staten zijn bezorgd over de humanitaire gevolgen van clustermunitie, maar stellen dat de focus moet liggen op een verduidelijking van de regels met betrekking tot het gebruik ervan, niet op een verbod. Voor de onbetrouwbaarheid van het wapen zien zij technische oplossingen.

Ondanks de afwezigheid van een aantal belangrijke landen, zoals de Verenigde Staten, gaat het Oslo-proces gewoon verder.  Eind mei 2008 zal in Dublin een nieuwe verdrag over clustermunitie opgesteld worden. Voor het zover is, moet er echter nog heel wat onderhandeld worden.

De Oslo-verklaring

Gerelateerde info