Het begrip ‘overgangsjustitie’ heeft in de kringen van internationale opinie- en beleidsmakers de voorbije jaren een belangrijke opgang gekend. Met het begrip wordt verwezen naar het scala van maatregelen die een samenleving na een periode van gewelddadig conflict of onderdrukking kan nemen om met een verleden van massale en systematische mensenrechtenschendingen in het reine te komen. De onderliggende gedachte is dat zonder een minimum aan overgangsjustitie een duurzame vrede en de opbouw van een democratische rechtsstaat niet mogelijk zijn. Dit artikel neemt de recente wet inzake overgangsjustitie in Colombia onder de loep en wil kort nagaan of uit dit voorbeeld lessen kunnen worden getrokken voor andere postconflictlanden.
Peter Van der Auweraert